Heftrucks, werfmachines en ander rollend materieel: geluids- en emissienormen

De koninklijke besluiten over het gebruik van arbeidsmiddelen en mobiele arbeidsmiddelen en het op de markt brengen van machines zijn bij de preventieadviseur genoegzaam bekend. Minder gekend zijn enkele milieubepalingen, zoals geluid- en emissiebeperkingen, waaraan deze machines tevens onderworpen zijn als gevolg van andere Europese richtlijnen.

Meer in het bijzonder gaat het om deze richtlijnen:

  • 97/68/EG inzake maatregelen tegen de uitstoot van verontreinigende gassen en deeltjes door inwendige verbrandingsmotoren die worden gemonteerd in niet voor de weg bestemde mobiele machines (en aanpassingen met richtlijn 2001/63/EG, 2002/88/EG, 2004/26/EG, 2006/105/EG, verordening 596/2009, 2010/26/EU, richtlijn 2011/88/EU en richtlijn 2012/46/EU)
  • 2000/14/EG betreffende de geluidsemissie in het milieu door materieel voor gebruik buitenshuis (en aanpassingen 2005/88/EG en verordening 219/2009).

Deze richtlijnen zijn omgezet door koninklijk besluiten op basis van de wet van 21 december 1998 betreffende productnormen.

Met verordening 2016/1628 wordt richtlijn 97/68/EG vanaf 1/1/2017 ingetrokken.

Een gelijksoortig regelgevend kader voor landbouw- en bosbouwvoertuigen wordt geregeld in verordening 167/2013.

Richtlijn 97/68/EG

Deze richtlijn is eerst omgezet door het koninklijk besluit (KB) van 3 februari 1999 betreffende de bescherming van de atmosfeer tegen de uitstoot van gassen en deeltjes door niet voor de weg bestemde mobiele machines. Dat KB werd vervangen door het KB van 5 december 2004 houdende vaststelling van productnormen voor inwendige verbrandingsmotoren in niet voor de weg bestemde mobiele machines. Dat besluit werd achtereenvolgens gewijzigd op 10 augustus 2005, 10 april 2010 en 7 mei 2011.

Niet voor de weg bestemde mobiele machines zijn mobiele werktuigen die niet bestemd zijn voor personen- of goederenverkeer en waarin een inwendige verbrandingsmotor is gemonteerd. Voorbeelden van die machines zijn compressoren, bouwmachines, landbouwmachines, vorkheftrucks, wegenonderhoudsmachines, luchthavenvoertuigen, mobiele kranen, schepen, treinlocomotieven, vliegtuigen, generatoraggregaten, enz. Het vermogen varieert van 18 kW tot 560 kW.

Er is een typegoedkeuringsprocedure voorzien en keuringsinstanties worden gedefinieerd. Volgens een aantal criteria, zoals vermogen, motorcategorieën, enz., zijn er tijdsschema’s (fase I tot IV) met reductie van verontreinigende gassen en deeltjes uit de motoren met vastgelegde grenswaarden. Er zijn ook overgangsmaatregelen vastgelegd. Er zijn zeer gedetailleerde testmethoden bepaald voor de verschillende gasvormige bestanddelen, zoals CO en NOx.

De uitstoot van gassen is ook een agens dat onder het KB van 11 maart 2002 betreffende chemische agentia valt.

Richtlijn 2000/14/EG

Deze richtlijn is omgezet door het KB van 6 maart 2002 betreffende het geluidsvermogen van materieel voor gebruik buitenshuis. Dat KB werd achtereenvolgens gewijzigd door de KB’s van 5 december 2004 en 14 februari 2006.

Materieel voor gebruik buitenshuis zijn alle machines, zoals bepaald in de machinerichtlijn, die zijn bedoeld om naar gelang van hun type buitenshuis te worden gebruikt en geluidshinder kunnen veroorzaken. In bijlage I worden 57 verschillende materieeldefinities gegeven, gaande van hoogtewerker tot lasaggregaat. Per type worden ook geluidsmetingen gelinkt aan internationale voorgeschreven normen.

Zoals bij andere nieuwe aanpakrichtlijnen zijn er bepalingen voor het vermoeden van overeenstemming, de EG-verklaring en aangemelde instanties.
Volgens het type materieel zijn er geluidsgrenswaarden bepaald in de bijlagen en moet ook het geluidvermogensniveau worden gemarkeerd.

Naast deze Europese richtlijn kunnen ook aanknopingspunten van geluid gevonden worden in de machinerichtlijn zelf en in normen zoals EN 12053 en ISO 3744. Ook in het document FEM 4.003 kan meer informatie gevonden worden.

Meer informatie